Met het ouder worden kijk je steeds meer terug naar je jeugdtijd. Mijn jeugd was misschien niet helemaal zonder zorgen, maar ik groeide wel als een gelukkig kind op.

Er was niet altijd geld voor eten, maar wij hadden het geluk boven een melkfabriek te wonen. Elke morgen verzamelden de melkboeren zich, zoals wij ze noemden, met hun gemotoriseerde karretjes bij de melkfabriek om hun voorraad aan te vullen. Er stond altijd wel een karretje recht voor onze deur, met enkel een zeil ervoor, wat snel en eenvoudig opzij te schuiven was. Een pak vla, yoghurt of rijstepap is dan snel gepikt. Hierdoor gingen mijn broer en ik nooit met een lege maag naar school. Ik weet niet of de melkboeren het wisten dat er bijna elke dag wat uit hun karretje gestolen werd. Achteraf heb ik het gevoel dat ze het maar lieten gebeuren, omdat zij aanvoelden hoe onze thuissituatie was.

Wij woonden op de Nieuwe Keizersgracht boven het gedeelte waar de vrachtwagens met melkbussen werden gelost. Elke morgen was daar een heen en weer gerij van vrachtwagens met melkbussen die één voor één in de melkcentrale geleegd werden. Daar tussendoor werden dan de melkkarretjes van de melkboeren gevuld. Zoals eerder beschreven was dat voor ons elke morgen een garantie voor ontbijt. Daarna naar school, nog echt een ouderwetse Katholieke school met nonnen en met voor die tijd een hippe schoolmeester en wat truttige onderwijzeressen.

Het schoolplein was groot genoeg voor de naar mijn gevoel paar honderd kinderen die op de Mariaschool onderwijs kregen. Er was een vast gedeelte waar gevoetbald werd. De teams werden bepaald door “poten” je liep voetje voor voetje naar elkaar toe en degene die boven op de voet van de ander belandde mocht beginnen met kiezen. De goals werden gemaakt van twee jassen die daar neer werden gekwakt. Het lag altijd een beetje aan de samenstelling teams of er discussie was over een doelpunt, penalty of vrije trap. Wanneer een team bestond uit de fysiek sterkste kinderen dan bepaalden zij het verloop. Was het gemengd, dan werd er wel eens met behulp van een vuist uitgemaakt wie de winnaar was.

Ik liep veel en graag op straat. Net als de melkfabriek was dit ook een mooi speelterrein voor mij. Je liep zo de fabriek in, soms voor kattenkwaad of om wat te pikken. Een andere keer hielp je mee met het lossen van wagentjes. Veiligheid was toen niet zo’n ding en ik ben nog wel eens door het oog van de naald gekropen wat betreft ‘bijna ongelukken’.

Kortom het is weer genoeg stof voor onderstaand stukje Woordenbende.

  

Het Zwarte Water, daar waar ik mijn jeugd heb doorgebracht

De melkfabriek waar ik speelde, stal of gewoon een beetje rondhing

Onderwezen en opgevoed op de Mariaschool door de nonnen

Mariaschool, de naam is veranderd, de huidige naam past niet

Het schoolplein, ooit groot genoeg voor alle kinderen met ruimte om te spelen

Nu volgebouwd, er mag op het plein niet meer gespeeld worden

Het is afgesloten, vroeger kon je er zo oplopen

Dat plein met ons vaste voetbalveldje

Doelpalen gemaakt van twee jasjes

Elke dag weer andere doelpalen door nieuwe jasjes

Een gemaakte goal werd bejubeld en tegelijkertijd betwist

Een vuist of de schoolbel besliste elke dag onverbiddelijk wie er won

Na de laatste schoolbel eerst voetballen, dan slenterend en kletsend naar huis

Het huis op de Nieuwe Keizersgracht en aan het Zwarte Water

Wie heeft die naam bedacht Nieuwe Keizersgracht?

Het was gewoon een vieze sloot

Ons huis boven op het dak van de melkfabriek

Vijftig jaar later loop ik te mijmeren, de fabriek is er niet meer

De fabriek is veranderd in een in een hofje met stapelwoningen 

Daar waar eens het water stroomde, groeit nu gras afgezet met struiken

Dat groen is mooi, maar ik mis het smerige vieze water

Ik mis de sluis waar ik vanaf flikkerde en zeiknat stinkend de kant op klom

De sluis is weg en de sloot gedempt

Het is de tijd die ruim vijftig jaar doordenderde

Zelfs de hoge fabrieksschoorsteen is weg

En toch voel ik mij hier even thuis

Mijn gedachten dwalen af naar dat kolere jong

Met de bal op het veldje of schietend tegen de fabrieksdeuren

Maar wat was hij gelukkig met die sloot, die sluis en de melkfabriek

Heb je genoten van dit verhaal, lees mijn boek dan eens. De opbrengsten van het boek gaan naar de YWC KLINIEK. 
Het boek is te bestellen op:

https://www.boekenbestellen.nl/boek/toon-de-woordenbende/31401

Auteur: admin

Ik ben Toon Lagas, een Utrechtse schrijver, dichter en verteller. In 2019 is mijn boek ‘Toon de Woordenbende’ uitgekomen. Een Woordenbende is een kort verhaal dat eindigt met een gedicht. De illustraties zijn van Marion Smit. Mijn verhalen op mijn blog Toondewoordenbende zijn sinds juli 2018 al 35.000 keer gelezen. In 2017 is mijn eerste boek ‘De Piano’ met verhalen en gedichten rondom de beroemde piano op het CS Utrecht uitgekomen. Dit boek kreeg veel aandacht op RTV Utrecht en op RTL TV. Ik volg met mijn hart en mijn ogen de dagelijkse gebeurtenissen en maak nieuwe herinneringen en beschrijf het leven in Utrecht vol gevoel en humor.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.